X
Het arboservicecentrum voor het voortgezet onderwijs
Arbo-VO image

Veiligheidsmonitor Voortgezet (Speciaal) Onderwijs 2006

Betreft: Onderzoek naar de veiligheidssituatie bij leerlingen, personeel en leiding van schoollocaties in het V(S)O
In opdracht van: Ministerie van OCW
Uitgevoerd door: ITS
Datum rapport: juli 2006

Het ministerie van OCW heeft een landelijke veiligheidsmonitor in het voortgezet (speciaal) onderwijs laten ontwikkelen en uitvoeren. Het gaat erom de veiligheid op en rond Nederlandse scholen regelmatig in kaart te brengen. Belangrijk zijn
- de gevoelens van (on)veiligheid bij leerlingen en personeel (OP en OOP);
- de varianten van en maten waarin geweld feitelijk wordt ervaren door slachtoffers, daders en getuigen;
- het veiligheidsbeleid en de effectiviteit daarvan volgens leerlingen, personeel en leiding.
Begin 2006 is de eerste meting met deze veiligheidsmonitor uitgevoerd.

Belangrijkste onderzoeksresultaten Veiligheidsmonitor 2006

Aan de veiligheidsmonitor is deelgenomen door 215 locaties, 80.770 leerlingen, 6.897 personeelsleden en 629 leden van de locatieleiding.

  • Gevoelens van (on)veiligheid

Het overgrote deel – meer dan 90% - van de leerlingen en het personeel voelt zich veilig in en rond de schoollocatie. De relatief grootste veiligheidsproblemen doen zich voor in de relatief ‘laagste’ onderwijstypen en de relatief ‘kleinste’ locaties.

  • Risicosignalen van geweld (spijbelen, drugs, wapens)

Qua onderwijstype variëren de percentages spijbelen vrij sterk. Mate van verstedelijking hangt vrijwel niet samen met spijbelen.

Bijna 11% van de leerlingen ziet dat andere leerlingen in hun klas wel eens drugs in hun bezit hebben. 93,2% van de leerlingen neemt nooit zelf drugs mee naar school. Binnen het voortgezet speciaal onderwijs lopen de meningen over het bezit en gebruik van drugs relatief sterk uiteen.

Ruim 10% van de leerlingen ziet dat andere leerlingen in hun klas wel eens, of vaker, wapens in hun bezit hebben. Verreweg de minste signalen worden afgegeven in het de onderbouw van het reguliere voortgezet onderwijs.

  • Feitelijk ervaren van geweld

Wat betreft feitelijk ervaren geweld voelen leerlingen zich relatief het meest slachtoffer van verbaal geweld (15,7%), licht lichamelijk geweld (13,6%), en sociaal geweld (10,7%).

Personeel voelt zich relatief het meest slachtoffer van verbaal geweld (29,6%), materieel geweld (10,7%), en sociaal geweld (10,3%). Zij zijn getuige van met name verbaal geweld, licht lichamelijk geweld en sociaal geweld.

  • Veiligheidsbeleid

Veiligheidsbeleid en -effectiviteit wordt onder andere doorgevoerd via het (al dan niet gezamenlijk) maken en controleren van afspraken over school- en gedragsregels. Het onderzoek levert aanwijzingen op dat vooral ook de bijtijdse controle van de afspraken via de leerlingen zelf hier effectief is.

Meer informatie
De kernresultaten van deze meting zijn samengevat in deze brochure 'Resultaten van de Veiligheidsmonitor Voortgezet (Speciaal) Onderwijs 2006'. Meer specifieke percentages op alle onderdelen van de monitor worden via de site www.veiligvo.nl ter beschikking gesteld.