De centrale casemanager
Lentiz wilde het verzuimbeleid verstevigen met een deskundige, die specialistische kennis combineert met coachende begeleiding van leidinggevenden. De keuze viel op een externe casemanager.
“Wij denken dat externe begeleiding voor de directeuren meer overtuigend en tegelijkertijd minder bedreigend is”, motiveert ’t Lam de keuze om een centrale casemanager van buiten in te huren. Bovendien wilde de onderwijsgroep een specialist beschikbaar hebben, maar had onvoldoende werk om een reguliere functie binnen de organisatie te creëren. De externe adviseur wordt bekostigd uit de besparing, die het dalende verzuim oplevert op de totale personele begroting.
Gesprekstechnieken
“Al snel bleek dat met name de ingewikkelde verzuimgevallen, door juridische en uitkeringsaspecten, veel energie en tijd kosten”, zegt ’t Lam. ”Door deze lastige trajecten – de ‘aandachtsdossiers’ – over te laten aan de centrale casemanager, kregen directeuren en teamleiders meer lucht voor nieuwe dossiers. Want zij moesten eerst nog wennen aan een andere manier van denken en gesprekken voeren.” Alle leidinggevenden zijn getraind in gesprekstechnieken, waarin een goede balans tussen zakelijk en menselijk veel aandacht krijgt. Desgewenst biedt de casemanager ook nu nog steun. “Wie dat wil, kan wekelijks even met mij sparren over een komend gesprek of andere zaken”, zegt Krudop. “Dat geeft rust in het contact tussen leidinggevende en medewerker.”
Wet Verbetering Poortwachter
Wekelijks is ad hoc overleg mogelijk tussen leidinggevende, HRM-adviseur, bedrijfsarts en de centrale casemanager, die voorzitter is van dit ‘sociaal medisch teamoverleg’. Eenmaal per zes weken heeft het SMT een reguliere bijeenkomst. Daar komt ook potentieel verzuim ter sprake en brengen leidinggevenden zelf vragen of casussen in. Daarnaast bewaakt Krudop termijnen, zoals die van de wet Verbetering Poortwachter, en is met haar kennis en ervaring vraagbaak op allerlei gebieden. Dat geldt voor wet- en regelgeving, maar ook voor coachingsvragen van leidinggevenden en HRM-adviseurs. Ze verschaft de managementinformatie en is de schakel met het UWV.
Ondersteuning aan de leidinggevenden heeft ook vorm gekregen in de interventiewaaier. Op deze waaier staat aangegeven welke externen op welk gebied hulp kunnen bieden: zoals coaching, klassenmanagement, mediation of schuldhulpverlening. De aanbieders voldoen aan de kwaliteitsnomen van Lentiz. “Concrete vragen van directeuren kunnen we hiermee snel beantwoorden”, zegt ’t Lam. Krudop: “Een medewerker kiest ook wat het beste bij hem past. Wel zeggen we erbij: we bieden dit aan, omdat je dan niet of minder uitvalt of eerder terugkeert. Ook dat heeft weer te maken met goed werknemerschap. Vroeger werd óver iemand gesproken, nu bespreken we het met de persoon zelf. Dat benoemen is een belangrijke kracht.”
Privacy
Een laatste punt waarop Krudop als centrale casemanager een rol speelt, is de privacy. ’t Lam: “We hebben gekozen voor absolute vertrouwelijkheid tussen medewerker en bedrijfsarts. De arts wordt niet uitgedaagd vertrouwelijke informatie door te spelen. Maar je kunt vragen wel zo formuleren, dat je als werkgever handvatten krijgt. Er is ook aandacht voor privé-keuzes: bijvoorbeeld een medewerker die astmatische klachten heeft, maar zelf wil doorwerken tijdens een schoolverbouwing. Kan dat de astma verslechteren vroeg de leidinggevende? Dat soort vragen werd vroeger niet aan de bedrijfsarts gesteld.”
Het arboservicecentrum voor het voortgezet onderwijs